Wedstrijdregels:

 

1.   Zorg dat je op tijd aanwezig bent op het verzamelpunt (parkeerplaats van het zwembad) zodat de ploeg op tijd kan vertrekken naar de wedstrijd.

 

2.   Zorg ervoor dat je tijdig betaald hebt voor de wedstrijd, dat voorkomt onnodige stress.

 

3.   Als je ziek bent op de dag van een wedstrijd, bel je minstens (tijdseenheid) voor vertrek naar de wedstrijdsecretaris, zodat die het ziekteformulier rustig kan invullen.

 

4.   Als je klaar bent met zwemmen blijf je bij de ploeg en moedig je, je ploeggenoten aan. Jij vindt het mooi om aangemoedigd te worden, een ander vindt dat ook mooi.

 

5.   Begin met een positieve instelling aan een wedstrijd. “Ik kan het niet” en

     “Ik heb geen zin” bevorderen je prestatie niet!

 

6.   Als je een goede prestatie neer wilt zetten, kom dan voor de wedstrijd bij je trainer om te bespreken hoe je de race voorbereid en waar je op kunt letten.

 

7.   Als je hebt gezwommen, kom je weer even bij je trainer om je race na te bespreken. Je kunt veel van de evaluatie leren voor de volgende wedstrijd. Mocht je te moe zijn na het zwemmen, dan kom je op een later tijdstip bij de trainer. Dat is voor jou prettig, maar ook voor de trainer.

 

8.   Wees positief naar je ploeggenoten. En zeg niet “Ik ben beter”. De een kan nu eenmaal sneller zwemmen dan de ander. Maar je hoeft een langzamer persoon niet de grond in te drukken.

 

9.      Als je honger hebt tijdens een wedstrijd, eet dan wat brood, fruit of ander voedsel waar koolhydraten in zitten en zorg dat je genoeg drinkt. Snoep en snacks tijdens een wedstrijd is niet goed, omdat je er last van je maag van kan krijgen tijdens het zwemmen.

 

10.Laat het zwembad altijd netjes achter, ook als je te gast bent in een ander zwembad. Na een wedstrijd ruimt de ploeg gezamenlijk de rommel op, die ook gezamenlijk gemaakt is. Zo laat je een goede indruk achter!

 

11.Als er wedstrijden zijn waar andere clubs aan mee doen, ga dan vriendschappelijk met zwemmers van de andere clubs om. Je gaat niet een ander zwart maken, omdat hij of zij minder goed zwemt dan jij. Heb respect voor je medemens.

 

12.Tijdens de wedstrijd blijf je in de zwemzaal. In de pauzes kun je rondlopen zoveel als je wilt. Je mag wel naar de kleedkamers om je eventueel te verkleden voor de volgende race.

 

13.Probeer bij elke start stil te zijn. Zo voorkom je onnodige valse starts.